Hoofdstation, kansen voor zuid-entree, fietstunnel en bustunnel

BUSTUNNEL EN FIETSTUNNEL

De geplande ingrepen aan de sporen maken het relatief eenvoudig om tegelijk ook een bustunnel en een fietstunnel onder de sporen aan te leggen. Momenteel worden de mogelijkheden hiervoor verkend.

Bustunnel: snelle en betrouwbare busverbinding

De bustunnel kan worden gebruikt door de bussen die via de busbaan Koeriersterweg rijden. Deze rijden nu via de Parkweg, het Emmaviaduct en de Stationsweg naar het busstation. Ze kruisen bovendien de voetgangersroute tussen station en de Werkmanbrug, richting binnenstad. Met de bustunnel onder het spoor door ontstaat een snelle en betrouwbare busverbinding. De bussen kunnen dan aan de zuidzijde van het station bij een nieuwe halte stoppen. Dit maakt een snelle overstap tussen bus en trein mogelijk. Ook wordt onderzocht of het mogelijk is bussen uit het zuiden naar de nieuwe bustunnel te leiden. Met de omwonenden wordt dit later in 2014 nader verkend. De bustunnel onder het spoor past niet in het bestemmingsplan. Hiervoor wordt een aparte planologische procedure gevolgd.

Verkenning naar fietstunnel

Als het station op de schop gaat, biedt dat de kans om ook een fietstunnel onder het spoor door te maken. De mogelijkheden hiervoor worden nu onderzocht. Gelet wordt onder andere op de sociale veiligheid, de meerwaarde in het fietsnetwerk en de relatie met fietsenstallingen. Een fietstunnel onder het station past niet in het bestemmingsplan. Hiervoor is een aparte planologische procedure noodzakelijk.

Variant 1: Fietstunnel gecombineerd met voetgangerstunnel (door kelder stationsgebouw)

Goede aansluiting op Stadsbalkon.
Goede schakel in fietsnetwerk.
Kosten: circa € 11 miljoen.
Variant 2: Aparte fietstunnel (onder Julia’s door)

Afzonderlijke tunnel, geen combinatie met reizigerstunnel.
Matige aansluiting op Stadsbalkon.
Forse impact op monumentaal gebouw ‘Julia’s’ (mogelijk sloop en heropbouw).
Kosten circa € 10,5 miljoen
Variant 3: Fietstunnel met noordelijke hellingbaan

Alleen uit te voeren met sloop Stadsbalkon (door hellingbaan noordzijde).
Vraagt verlaging bestaande fietspaden.
Verslechtert bereikbaarheid kiss-and-ride en stationsgebouw.
Kosten meer dan € 11 miljoen.
Variant 4: Fietstunnel gecombineerd met de beoogde bustunnel

Meerwaarde vanuit fietsnetwerk beperkt door positie.
Meerwaarde voor ontwikkeling stationsgebied beperkt.
Matig voor de sociale veiligheid (door lengte en gebrek aan doorzicht).
Fietsers moeten busbaan kruisen.
Kosten ten minste € 5 miljoen
Variant 5: Fietstunnel die boven komt op het perron

Geen hellingbaan op voorplein station nodig (ook niet in de toekomst).
Kan reuring opleveren, maar vraagt ook ruimte op perrons.
Sociale veiligheid aandachtspunt door gebrek aan doorzicht.
Verbinding met fietsroute Europapark/De Linie.
Kosten: circa € 8,5 miljoen.

STATIONSGEBIED ZUIDZIJDE

Aan de zuidzijde van het Hoofdstation kan de komende jaren een tweede, volwaardige hoofdentree van het station komen. Deze zuidentree is geen ‘achterdeur’, maar kan een nieuwe ontmoetingsplek worden voor reizigers.

Toplocatie in de regio

Met het verplaatsen van het opstelterrein ontstaat ruimte voor het ontwikkelen van de zuidzijde van het stationsgebied. Dit gebied kan de komende decennia uitgroeien tot een toplocatie in de regio. Gedacht wordt aan een moderne ‘Cityhub’ met een mix van stedelijke functies, en met ruimte voor leisure, kantoren en woningen. Wanneer de voetgangerstunnel een volwaardige entree krijgt aan de zuidkant, wordt dit gebied verbonden met de binnenstad. Het streven is op termijn het busstation hier naartoe te verplaatsen.

Planologische inpassing

Voor de gebiedsontwikkeling ten zuiden van de sporen moet een nieuw bestemmingsplan worden opgesteld.

Scherm groter maken: klik op {loep +}

Bron: http://spoorzone.groningenbereikbaar.nl